De Oudhollandse liedjes 'In een blauw geruite kiel (Draaiersjongen) ', 'Waar de blanke top der duinen (Mijn Nederland)' en 'De paden op, de lanen in' zijn de creaties van de in de negentiende eeuw beroemde componist en dirigent Richard Hol.

Richard Hol rond 1903.
Richard Hol rond 1903.

Leven

Rijk Hol werd in 1825 in Amsterdam geboren en verhuisde in 1862 naar Utrecht. Onder zijn leiding werden de stadsconcerten een groot succes en zelfs grootheden als Robert en Clara Schumann en Johannes Brahms traden in Utrecht op. 

Rijk Hol nam op ongeveer vijftigjarige leeftijd een artiestennaam aan en ging zich Richard Hol noemen.

Het later beroemde boek Max Havelaar werd in 1860 uitgeven. Al in datzelfde jaar zette de moderne Richard het dramatische ‘Ik weet niet waar ik sterven zal’, het lied van Saïdjah, op muziek. De schrijver van de Max Havelaar, Eduard Douwes Dekker, was tevreden maar vond de uitvoering op de 'laffe' piano maar niets.

Den Haag

In 1872 werd Richard de muzikale directeur van de Haagse mannenzangvereniging Caecilia. Richards carriere ging in 1883 een andere richting uit toen hij de gastdirigent van Diligentia werd. Hier programmeerde hij jonge Nederlandse componisten, zeer tegen de zin van de vaste dirigent Johannes Verhulst (van het Verhulstplein).

Het borstbeeld van Richard Hol.
Het borstbeeld van Richard Hol.
Deze pariaconcerten met nieuwe muziek waren revolutionair en zaagden aan de stoelpoten van Verhulst. In 1887 moest deze aftreden en werd Hol de hoofddirigent.

Rijk Hol overleed in 1904 en al snel wilden zijn fans een blijvend aandenken: 'Wat zal Den Haag voor zijn oud-stadsgenoot, voor den grooten Nederlander doen? Zal de gemeenteraad, als er weer eens straten moeten gedoopt worden, ook eens denken aan een Richard Hol-plein of -laan?' Deze oproep was niet dovemansoren gericht. De beroemde bundel 'Kun je nog zingen, zing dan mee', werd in 1906 uitgegeven. Hierin staan tien liedjes waarvoor Richard Hol de muziek schreef.

Maar er moest ook iets tastbaarder komen. De man die de moderne muziek van Franz Liszt, Hector Berlioz en Richard Wagner in Nederland had geïntroduceerd en zoveel had betekend voor het Haagse muziekleven moest worden herdacht met een standbeeld.

Het standbeeld

Het Nationaal comité Richard Hol haalde met enige moeite voldoende geld op en moest toen een beslissing nemen over de vorm van het monument. In het Amsterdams Rijksmuseum bevond zich namelijk al een borstbeeld van de componist.

Op 20 oktober 1906 was de plechtige onthulling van het standbeeld van Richard Hol door  jonkvrouwe J. den Beer Poortugael.
Op 20 oktober 1906 was de plechtige onthulling van het standbeeld van Richard Hol door jonkvrouwe J. den Beer Poortugael.
De leden overwogen een grafmonument, maar realiseerden zich dat zo'n monument slechts door weinig mensen gezien zou worden. Dus toch maar een borstbeeld. En toch maar in Den Haag omdat Hol hier het laatste gewerkt had.

Op 9 juli 1906 gaf de Gemeente Den Haag toestemming voor de oprichting van een standbeeld op een grasveldje op de hoek van de Stadhouderslaan 46 en de Lubeckstraat. Uiteraard onder voorwaarde dat het beeld na voltooiing het eigendom zou worden van de Gemeente.

Het borstbeeld van de toonkunstenaar kwam op een eenvoudig, breed uitlopend langwerpig drie meter hoog voetstuk te staan. Het beeld werd gemodelleerd aan de hand van recente foto's van de componist. Aan de voorkant werd in haut-reliëf een lierspelende muze gebeeldhouwd. De kunstenaar signeerde het beeld met: Bart van Hove, b. verbeyst fondeur, bruxelles.

Het monument op de hoek van de  Stadhouderslaan 46 en de Lubeckstraat in 1910.
Het monument op de hoek van de Stadhouderslaan 46 en de Lubeckstraat in 1910.
Op zaterdag 20 oktober 1906 was het zo ver. De onthulling van het monument.

De weduwe van Richard Hol en de kinderen waren present, maar zijn dochter Betsy Heek-Hol had zich afgemeld. De leden van het Nationaal comité waren uiteraard wel aanwezig. De kleindochter van de voorzitter, jonkvrouwe J. den Beer Poortugael, mocht het monument onthullen.

Atlantikwall

In mei 1940 werd Nederland bezet door de Duitsers.

Het standbeeld voor Richard Hol werd na de oorlog herplaatst op de Groot Hertoginnelaan.
Het standbeeld voor Richard Hol werd na de oorlog herplaatst op de Groot Hertoginnelaan.
Twee jaar later, in 1942, besloot de bezetter om langs de kust verdedigingswerken te bouwen. Hiervoor moest een deel van de stad ontruimd of afgebroken worden. Zo ook de omgeving van de Stadhouderslaan.

Het borstbeeld van Richard Hol werd opgeslagen in een magazijn van de Dienst Gemeentewerken.

Na de oorlog

Monster

Na de oorlog werd stapje voor stapje de schade aan de stad hersteld. Zo kwam men ook het Richard Hol-monument in het magazijn tegen. De waardering voor het kunstwerk was echter sterk geslonken. 'Moet dit monster worden herplaatst? Dan m.i. wegwerken in Schev. boschjes' schreef een medewerker van de Dienst Gemeentewerken op 30 juni 1951.

Dit werd vertaald als: 'Door de Gemeentelijke Dienst van de Wederopbouw en de Stadsontwikkeling is gedacht aan een min of meer verborgen plek in de Scheveningse Bosjes voor dit niet zeer fraaie beeld.' Misschien kon het op de plek komen van de in de oorlog gesneuvelde Vosmaerbron in het Scheveningse bos.

Het probleem werd vooruitgeschoven en uiteindelijk werd in 1954 besloten om het Scheveningse bos niet te gebruiken als een beeldenkerkhof.

Het voetstuk van het monument van Richard Hol is drie meter hoog en is eigenlijk te massief in vergelijking met het borstbeeld.
Het voetstuk van het monument van Richard Hol is drie meter hoog en is eigenlijk te massief in vergelijking met het borstbeeld.
De Stadhouderslaan werd echter opnieuw ingericht en het beeld kon niet terug naar z'n oude plekje. In augustus 1955 besloot de Gemeente Den Haag daarom om het beeld te herplaatsen op de Groot Hertoginnelaan tussen de Andries Bickerweg en de Stadhouderslaan. De kosten, 1500 gulden, werden als herstel oorlogsschade door het Rijk vergoed.

Straat

Op 8 augustus 1949 werd de Richard Holstraat in de wijk Duinoord gesticht. Deze straat zou in de componistenbuurt terechtkomen en van de 2e Schuytstraat naar de Conradkade gaan lopen. De straat werd in 1951 alweer opgeheven.

Op 11 juli 1960 volgde de tweede poging. De nieuwe Richard Holstraat loopt vanaf de Mozartlaan naar de Catharina van Renesstraat in de andere componistenbuurt in de wijk Waldeck-Noord.

Bibliografie

Bibliografie

Bronnen

de dichter als idool pag 369
den haag in beelden pag 62
hermans multatuli pag
die haghe jaarboekje 1907 pag 30
die haghe jaarboekje 1950 pag 133
die haghe jaarboek 1961 pag 131
die haghe jaarboek 1987 pag 112
op straat gezet pag 45
diverse kranten via Delpher

De Stadhouderslaan in 1906. Links is nog net het recent onthulde monument voor Richard Hol te zien.
De Stadhouderslaan in 1906. Links is nog net het recent onthulde monument voor Richard Hol te zien.
Het borstbeeld van de componist Richard Hol was een geliefd object voor fotografen. Deze foto werd in 1907 gemaakt.
Het borstbeeld van de componist Richard Hol was een geliefd object voor fotografen. Deze foto werd in 1907 gemaakt.
De Stadhouderslaan met rechts de Lubeckstraat in 1912.
De Stadhouderslaan met rechts de Lubeckstraat in 1912.
In dit plantsoentje op de Stadhouderslaan was tot 1942 het standbeeld van Richard Hol te bewonderen. Deze foto werd in  februari 2021 gemaakt.
In dit plantsoentje op de Stadhouderslaan was tot 1942 het standbeeld van Richard Hol te bewonderen. Deze foto werd in februari 2021 gemaakt.